woensdag 23 november 2011

Interview met Manu Keirse, auteur van het bronnenboek Kinderen helpen bij verlies

Beste bloggers,

Hier heb ik enorm naar uitgekeken: een interview met Manu Keirse. Ik ben hem dan ook zeer dankbaar dat hij even tijd voor me wilde vrijmaken. Dat even praten werd bijna een uur. Je vindt er enkel een geluidsfragment van terug.

Mijn eerste stap was mijn onderzoeksvragen doormailen. Misschien kan hij me nog informatie geven. Maar ik heb mijn mening herzien. Eigenlijk heb ik al een duidelijk antwoord op mijn vragen, ik wil meer praktische zaken weten.

Op de lezing had ik al aangevoeld dat het een praatgrage man is, iemand die zo mooi kan vertellen over zijn ervaringen, ervaringen van andere mensen. Ik heb steeds geboeid geluisterd. Misschien kan hij me iets vertellen over ervaringen met kleuters, wat denkt hij van mijn "toekomstige aanpak bij verdriet", wat denkt hij over mijn tranenkoffer? Hierbij een kort overzicht van enkele gestelde vragen.

Kan een kleuterjuf werken met een vers of prentenboek als een kleuter vertelt: "mijn papa is dood?"

Neen, het staat haaks met wat er met het kind gebeurt. Boeken en gedichten zijn meestal een teken van onmacht van de volwassene.

Daar ben ik het helemaal mee eens. Maar het maakt het onderwerp verdriet wel bespreekbaar in de klas.

Wat kan je doen om het kind te helpen? Daar zijn 4 sleutels voor:
- luisteren
- correcte informatie geven
- warmte, liefde en genegenheid
- de herinnering levendig houden.

Deze stappen kwamen in zijn lezing ook terug

Wat doe je dan met die andere 20 kleuters die ook in de kring zitten en helemaal niet beseffen wat die ene kleuter net vertelt?

Lesgeven, hen erbij betrekken. Laat ze zien, voelen, horen wat je doet bij iemand die sterft. Vertel over verdriet en verlies. Wat betekent dood zijn? Hoe zou jij je voelen als ineens je mama nooit meer terug komt?

Kan je ze ook een tekening laten maken voor het rouwende kind?

Niet onmiddellijk, eerst praten en luisteren. Weet je als volwassene niet hoe je in de kring moet reageren, vraag het aan de professoren, de kinderen zelf. Ze zullen wel aangeven wat ze kunnen doen. Volwassenen denken teveel, laat het kind het zelf oplossen, aanvoelen.

Inderdaad, zo had ik het ook in mijn hoofd. En ja, ook ik denk teveel na. Wat als... Zeg hen "gewoon" hoe het leven en verdriet in mekaar zit. Praat erover, ga er niet lichtjes overheen. Laat ze hun verhaal maar doen, misschien komt het gesprek wel vanzelf op gang. Gewoon door ervaringen van kleuters. Is het dat niet wat we elke morgen in de kring doen: laat ze praten over wat ze hebben meegemaakt.

Wat denkt u over een tranenkoffer in de kleuterklas?

Dit is zeer nuttig, maar waarom noemt het een tranenkoffer?

Omdat het gaat over verdriet en dan huil je, dan zijn we niet blij.

Klopt, maar tranen ervaren kleuters als niet leuk, het mag niet. Hoeveel keer horen zij "stop met wenen, allé, niet wenen hoor, traantjes weg! Zij willen er niet mee bezig zijn, het schrikt hen af. Wat denk je dat de reactie gaat zijn als jij dan nog eens met een tranenkoffer in de kring stapt? Waarom noem je hem niet verdrietkoffer?

Oei, daar schrik ik van. Maar ik reageer. Ik wilde net geen verdrietkoffer. Verdriet is net wat ik niet wil horen. Hoeveel keer zeg ik niet: juf heeft verdriet omdat... en dan wordt het stil in de klas. Verdriet is niet leuk, ik wil het net leuk in de klas hebben. Natuurlijk mag iedereen verdrietig zijn, gevoelens mag en moet je hebben. Maar geef mij maar de blije gezichten. Ja er wordt in een kleuterklas gesproken over de basisgevoelens. Maar welke vinden kleuters het minst leuk? Bang en verdrietig. Daarom wilde ik geen verdrietkoffer.

Daar zit ook wat in. Na even zoeken: waarom neem je "troostkoffer" niet. Een koffer waar je altijd troost in kan vinden.

Dat was weer zo mooi gezegd! Vanaf nu heb ik een troostkoffer ipv een tranenkoffer. Ik vertelde wat er allemaal in zat.

Zeer goed: vooral materialen waar ze iets mee kunnen doen, waar ze expressief mee bezig kunnen zijn. Nog een tip: stop er enkele doosjes in, voor de geheimen in te stoppen. Het geeft de kleuter de kans iets te zeggen wat hij tegen niemand anders kan.

Besluit

Ik had nog 100 vragen kunnen stellen, maar je maakt geen misbruik van zijn goedheid. Ik ben hem enorm dankbaar voor dit gesprek. Misschien denken jullie: ik had toch meer vragen over zijn boek gesteld, over de theorie. Maar ik denk daar anders over. Nergens had ik de antwoorden gevonden op de vragen die ik gesteld heb, in geen enkel boek. Mijn vragen kwamen spontaan, op iets wat ik zie of aanvoel door te doen.

Blijkbaar ben ik een gedreven student, iemand die verder nadenkt dan haar neus lang is. Klopt ook. Ik ben fier op Manu Keirse als levende bron en beschouw dit (voor mezelf) een meerwaarde voor mijn weblog.

Na het interview vertelde hij me dat hij vroeger lezingen gaf aan de derdejaarsstudenten. Dat doet hij nog steeds in andere hogescholen, maar niet meer in KHL. Dit zou in het lessenpakket van elke onderwijzer moeten zitten. Tja, dat is een andere discussie. Maar hij heeft ergens wel gelijk. Ach, ieder pleit voor zijn eigen vak. Ik ben ook fanatiek als het om beweging in een kleuterschool gaat, dat mag niet verdwijnen.

Ik hoop dat jullie iets geleerd hebben uit ofwel de gesprekken met de levende bronnen ofwel mijn manier van praktisch werken met levende bronnen.

Sandra

2 opmerkingen:

  1. dit is een test van peter

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Met veel bewondering heb ik je blog gelezen. Sta al 17 jaar in een kleuterklas en ja, u heeft gelijk. Een tranenkoffer zou elke juf/meester moeten hebben. Bewonderingswaardig hoe je dit hebt uitgespit , ik kan niet wachten om er ook één aan te leggen. Dus ik zal nog vaak je blog gebruiken hiervoor.
    Hartelijk dank om dit geweldig initiatief te delen.

    BeantwoordenVerwijderen